Menu


  •  

Eén en al vrolijkheid tijdens de instroomtrainingen voor de talentjes van Apeldoorn en omgeving

Terwijl de kinderen uit de Oranjegroep hun KNLTB-instroomtraining met rode wangetjes en een hoop gelach afronden, ziet trainer Leon Metsemakers ondertussen de kids van de Groene leeftijdsklasse met big smiles het tennispark van Vego oplopen. Eén ding wordt meteen duidelijk: alle jeugdige deelnemers beleven weer een plezierige zaterdag.

Door: Glenn van der Straten

Lieselotte Austie (10) en Louie ten Donkelaar (10) snellen zich bij hun entree op Vego direct naar de speeltuin en kleine fietsjes. De vraag of zij zin hebben in hun training met de groene stipbal, kan nog niet worden afgemaakt of ze knikken al van ‘ja’. Beiden doen dat met een glimlach van oor tot oor. Een paar tellen later stromen hun trainingsgenootjes ook het park op, waarna zij zich bij Metsemakers melden. Ondertussen verlaat de groep van de Oranje bal het park. Het is iets wat Metsemakers graag ziet: de ene groep verlaat tevreden de training, de andere horde komt dolblij de baan opgestapt. “Als de kids vrolijk de baan opstappen en ik hen tijdens de training iets bijbreng, of dat nou iets mentaals, technisch, fysieks of tactisch is, en zij met vrolijke én verhitte hoofdjes weer huiswaarts keren, dan ga ik ook met een voldaan gevoel naar huis”, meent Metsemakers.

Voetenwerk en gezelligheid
De instroomtrainingen zijn al een paar maanden aan de gang, en het bevalt Metsemakers maar al te goed. Oorspronkelijk zouden de lessen in de Matenhal plaatsvinden, maar vanwege corona verzorgt Metsemakers de trainingen buiten. “Ik beleef er erg veel plezier aan. Het is heerlijk om met deze gemotiveerde kinderen op de baan te staan en ze één en ander bij te brengen, ondanks dat we soms slechte weersomstandigheden hebben.” Soms, want op het moment van het bezoekje komt de voorjaarszon lekker door in Apeldoorn-Zuid. En niet alleen de zon straalt, maar onder meer ook de tienjarigen Jinte van den Berg en Julius Mondria stralen. “Ik vind het hier heel leuk en heb altijd zin om van Bathmen naar Apeldoorn te gaan”, steekt laatstgenoemde van wal. “Deze training duurt langer dan de trainingen die ik normaal heb, en hier krijgt iedereen evenveel aandacht. Een voordeel is dat ik nu train met andere kinderen, met wie ik normaal gesproken niet kan tennissen. Als je telkens met dezelfde kinderen traint, dan leer je ook niks meer. De vele verschillende oefeningen zijn ook leuk. Wat ik van Leon heb geleerd? Een nieuwe backhandgreep. Ook heb ik veel op het gebied van voetenwerk opgestoken”, vertelt Julius.

Jinte kan zich vinden in de woorden van haar trainingsgenootje Julius. “Ik heb vooral veel geleerd over het voetenwerk. Leon schenkt daar veel aandacht aan, we moeten telkens bewegen en splitstepjes maken. Het is fijn om een keer met anderen te trainen. Het is namelijk leuk om andere kinderen te leren kennen, en te zien hoe zij weer tennissen. De gezelligheid tijdens de training maakt het erg leuk, en je leert ook nog eens veel”, aldus het lid van A.L.T.V. Tepci.


Julius Mondria en Jinte van den Berg

‘Ik wil prof worden!’
Wanneer het tweetal gevraagd wordt naar hun doelstellingen, kijken ze even nadenkend om zich heen, waarna Julius resoluut antwoordt: “Ik wil prof worden! Voor corona trainde ik vier tot vijf keer per week, nu is het even wat minder. Maar nu tennis ik weer veel tegen het muurtje. Ik heb altijd zin om te trainen, iedere keer weer.” Jinte wil simpelweg het onderste uit de kan halen. “Ik heb niet echt een bepaalde doelstelling. Ik wil gewoon alles eruit halen wat erin zit, zo ver mogelijk komen. En vooral zo veel mogelijk plezier hebben. Ik train drie keer per week. Soms heb ik een momentje dat ik even minder zin heb, maar dat gebeurt niet vaak.” En wat vinden Jinte en Julius eigenlijk van de trainer, Leon? “Een goede en aardige trainer”, aldus Jinte. Julius: “We kunnen goed met Leon overweg, hij is geen boze meneer.”

Ondertussen is Metsemakers druk bezig met het bestuderen en het van advies voorzien van de andere tennistalentjes. Een aantal maanden geleden sprak Metsemakers, één van de trainers op T.C. Sprenkelaar, de verwachting uit dat de instroomtrainingen ervoor zorgen dat de kinderen meer uitgedaagd worden en dat ze daardoor sneller groeien. Is dat volgens hem, nu ze een aantal maanden verder zijn, aan het lukken? “Ik denk dat de kids mede door de instroomtraining een positieve ontwikkeling doormaken. Ten eerste moeten de kinderen simpelweg meters maken, en met de instroomtraining hebben ze per week een extra speelmoment. Hopelijk begeleid ik ze bij dat moment goed met tactische en technische tips. Ten tweede zit er bij de instroomtraining ook een uur fysieke training bij. Dat is zeker een pluspunt, want dat uurtje helpt hen enorm met hun coördinatieve ontwikkeling.”

Enthousiasme
Toen Metsemakers vorig jaar te horen kreeg dat hij de instroomtrainingen mocht verzorgen, had hij al snel een doelstelling, namelijk het verbeteren van het algehele spel van de talentjes, met behoud van hun tennisenthousiasme. Op het met zonovergoten tennispark Vego lijkt het enthousiasme van alle kinderen in ieder geval niet minder te zijn geworden. Metsemakers is daar maar wat blij mee. “Ik zie tijdens de lessen bij iedereen ontzettend veel motivatie en enthousiasme, ondanks het feit dat sommigen drie uur op rij trainen. Dit vergt veel van hen, en daarom vind ik het zo knap van de kids. We hebben elkaar ook beter leren kennen. Tijdens de afgelopen twintig lessen is de band tussen ons daardoor ook sterk verbeterd.”


Groepsuitleg door trainer Leon Metsemakers

Maar wat is uiteindelijk de bedoeling? Wat moeten de instroomtrainingen uiteindelijk opleveren? De kinderen uit Oranje kunnen straks doorgaan voor nog een jaar in Oranje. Ook kunnen ze tijdens de voorspeeldagen een poging doen om zich in de Groene groep te spelen. De kinderen uit Groen kunnen na vier jaar eventueel verder trainen bij de bond. De KNLTB heeft hierin de bepalende stem. Doordat er het afgelopen jaar geen toernooien en uitwisselingen waren vanwege het coronavirus, is het volgens Metsemakers moeilijk te bepalen waar zijn instroomleerlingen landelijk gezien staan. En juist op die nationale jeugdranglijsten wil Metsemakers in de toekomst een rol gaan spelen met de kinderen. “Maar ik weet niet of ik die rol ga bekleden, of de clubtrainers van de kinderen. De samenwerking met die trainers verloopt mijns inziens goed. Indien nodig kunnen we bij elkaar aan de bel trekken. Met de meeste trainers heb ik de afgelopen periode contact gezocht. Daarnaast werk ik nauw samen met de commissie die gaat over de instroomtraining. Wekelijks bespreken we van alles en wij verzorgen samen de communicatie naar de ouders van de kinderen toe.”

‘Die approaches (aanvalsballen, GvdS) hoeven niet meteen weg. De bedoeling is dat je het punt aan het net scoort. Maar wat is dan belangrijk, dat die approaches moeten hebben?’, vraagt Leon aan de kinderen wanneer hij de laatste tennisopdracht uitlegt. Iedereen luistert aandachtig. De kinderen die een idee hebben, steken netjes hun vinger op. Met de sfeer zit het in deze groep wel goed. Met big smiles kwamen de kinderen het park op, en met big smiles zullen zij straks weer het park verlaten.


Dit item delen op: